Wanden

Net zoals we eerder zagen bij de inwerking van het schrijnwerk, vereist ook de binnenafwerking van de wanden enige aandacht met betrekking tot een luchtdichte uitvoering.

De vloerplaat kan met een cementering luchtdicht aangesloten worden op de bepleistering, die als binnenafwerking van de wanden wordt toegepast. De binnenbepleistering geldt bij metselwerk onmiddellijk als luchtdichte afwerking. De cementering vertrekt op de ruwbouwplaat en loopt tot de waterkering onderaan de muur. Vanaf daar zal de cementering overlopen naar het pleisterwerk. Naast het verzekeren van de luchtdichtheid, wordt op die manier wordt bovendien vermeden dat het pleisterwerk een waterbrug vormt over de waterkering en eventueel water (van onder de waterkering) opzuigt. Deze uitvoering is efficiënter en goedkoper dan het plaatsen van folies. Ook het risico op schade of doorsnijding van de luchtdichting doorheen de volgende werffases wordt hierdoor beperkt.

 

Vooraleer de pleisterwerken starten, kunnen de techniekers de nodige inslijpingen voorzien in de keramische binnenwanden om trekbuizen te leggen. Op die manier kunnen deze onzichtbaar ingewerkt worden in de binnenafwerking. 

 

  

Eens de leidingen zijn ingewerkt en de inslijpingen opnieuw zijn dicht gecementeerd, kan vervolgens de bepleistering starten. Deze pleisterlaag heeft niet alleen een esthetische functie, maar maakt de wanden ook onmiddellijk luchtdicht. Hier is wel belangrijk om de luchtdichte folies rond het schrijnwerk mooi in te werken in het pleisterwerk. Hierbij plaatst men ook een wapeningsnet bij de overgang van de verschillende materialen (bv. multiplex – keramiek) om de spanningen te wijten aan een verschillende thermische werking, op te vangen en zo scheurvorming in de afwerking te vermijden. Ter hoogte van hoeken wordt ter versteviging een hoekprofiel voorzien.